Het grote avontuur van twee kleine sloddervissen

Cliff jumping

Las Grietas (grieta betekent canyon/fissure in het Spaans) bereik je na een wandeling tussen cactussen met vuile stekels die dwars door je schoenzolen boren en rotsblokjes net groot genoeg om je enkels heerlijk op te breken. Het einde loopt dood en mocht je net in een interessant gesprek verwikkeld zitten en het einde niet in de mot hebben, dan zou je 15 meter naar beneden donderen in een fantastisch mooie canyon. Het merendeel van de bezoekers daalt voorzichtig langs de trappen en rotsen naar beneden om daar pootje te baden en naar de flipkoppen te gapen. Die kruipen op de glibberige rotsen omhoog, staren dan even in de diepte en naargelang de grootte van hun ballen, springen ze naar beneden. De ene met het gezicht in zijn handen verborgen, de andere na een salto of een back flip. Het hoogste punt om te springen schat ik op 13 meter en ik zag er tot nu toe enkel een local van naar beneden duiken. Deze gast sprong voor de eerste keer van deze waanzinnige hoogte toen hij 8 jaar oud was! Kjel, Daniel, de Zuid-Afrikaner Ian en ik klauteren vol goede moed naar het punt op ongeveer 9 meter hoogte. Kjel overwon zijn schrik de dag voordien al en springt zonder al te veel kopzorgen de dieperik in. Daniel wordt al een dagje ouder dus zijn rimpels en grijze haren flapperen in de wind alvorens zijn dappere sprong te wagen. Ian maakt bescheiden opmerkingen en lacht met een veelzeggend hoog stemmetje waarna ook hij uit mijn zicht verdwijnt.

Na het uitgestorven applaus van het publiek hoor ik daar beneden wat gepraat en verwrongen gelach. Weinig tot geen uitgelaten enthousiasme. Een slecht teken? Er moet iets mis zijn. Toch net te hoog? Te pijnlijk? Akelig dicht bij de rotsen aan de zijkanten? Eerlijk gezegd durf ik zelfs niet eens naar beneden te kijken. Ik probeer mij wat te focussen op het cactusbos naast mij, maar aangezien die stekels er allemaal griezelig dik uitzien biedt ook dat niet veel troost. De jongens klimmen langs de rotswand terug naar boven voor een tweede jump. Ik verroer geen vin en vraag me af of ik niet net als de vorige keer gewoon beneden bij de vrouwen en kinderen op de spullen moet gaan letten. De drie springen opnieuw. Net voor elke sprong zie ik het zelf volledig zitten. Net na elke sprong bonst mijn hart in mijn keelgat. Deze hoogte bevindt zich net buiten mijn comfortzone denk ik zo. Ik raap mijn moed bij elkaar, trek mijn wetsuit wat omhoog en adem zo diep en zo traag als ik kan. Na nog zeker een dikke vijf minuten mediteren klauter ik op de uitstekende rots en staar in de diepte. Amai. Zo zonder bril kan ik de dingen beneden zelfs niet eens zo goed onderscheiden (beetje overdreven, maar toch, het lijkt erg diep). Om de een of andere reden heb ik het gevoel dat ik ga springen. Niet nadenken zeg ik tegen mezelf. Stel je voor dat ik door mijn benen zak net voor de sprong en dan met mijn hoofd achterover tegen de rotsen te pletter smak? Mijn hart neemt een sprintje. Stop met denken. Gewoon doen. De stress transformeert in adrenaline. Mijn hartslag vertraagt. Ik denk dat ik ga springen. Ik roep wat commentaar naar de diepte. De jongens roepen wat chaotische antwoorden terug. Ik heb het niet goed verstaan want mijn hart klopt in mijn oren. Het publiek is muisstil. Stel dat ik onderweg naar beneden een hartstilstand krijg? Ik betrap mijn hart op hordelopen. Stop met denken. Gewoon doen. Mijn hartslag vertraagt. Ik denk dat ik ga springen… En dan spring ik. Het voelt fantastisch. Alles wordt stil. Mijn hart klopt verder. Ik zweef, ga lichtjes uit evenwicht en knal dan met mijn gat op het wateroppervlak. Gelukkig vangen mijn teva’s de grootste schok op. Uit angst om ook nog eens 5 meter naar het wateroppervlak te moeten zwemmen kijk ik onmiddellijk omhoog. Maar het einde van de tunnel is vlakbij. Ik moet er geen meter van verwijderd zijn. Twee slagen en wat gespartel met mijn sandalen en mijn hoofd popt uit het water. Stralend kijk ik recht in de verbaasde en nieuwsgierige blikken van de jongens rond mij. Ik gil. De rest ook. Het publiek applaudisseert. Dat had ik niet verwacht van mezelf. De anderen ook niet. Maar dan voel ik het: “MY BUM!!!” Iedereen giert het uit. Dat worden blauwe plekken morgenvroeg. De jongens gaan voor een derde keer, maar ik vind dat ik mezelf wel genoeg bewezen heb. Ik voel mijn hart trouwens gas geven bij de gedachte alleen al. Dus ik neem de trap naar boven met het excuus om onze snorkels te verzamelen voor deel twee van onze expeditie: de onderwatertunnels in de wanden van de canyon.

Dappere locals hebben in Las Grietas blijkbaar heel wat exploraties gedaan, want zij kennen alle onderwatertunnels in de canyons. Zij wringen hun lichamen hier door tunnels die mij herinneren aan speleologie. Niet voor ons. Wij gaan voor de kortere, ruimere en veiligere tunnels. Toch is het tricky. Even blijven vasthangen met het wetsuit, een sandaal of je snorkel en een ongewenste hap water gooit roet in het eten. Maar we spotten elkaar, klaar voor een rescue 911 en komen er allemaal heelhuids uit. Via zo’n tunneltje steken we door naar de volgende canyon. Hier zie je in het diepe donker grote vissen zwemmen. Kjel en Ian kruipen uit het water, klimmen over de muur en zijn klaar voor een verdere exploratie van de canyon. Naar verluidt mondt die uiteindelijk uit in de zee. Dat willen zij wel eens zien. Daniel en ik niet per se. De zon staat trouwens te zoenen met de horizon, dus wij snorkelen terug naar de bewoonde wereld. Onderweg checkt Daniel een donker gat in de hoop een nieuwe tunnel te ontdekken, maar het blijkt een verdomd donker gat. Dus we houden het voor bekeken.

Met stevige tred marcheren we terug naar de boot en beginnen alvast aan een grote pot dikke spaghetti voor de twee lost souls. Niet eens zoveel later rammelt de boot onder het jonge geweld van de twee helden. Ze hebben het gehaald, vonden de uitweg in een klein verborgen tunneltje en zagen de zee! Daniel en ik waauwen uitbundig, vervloeken in stilte onze extra jaren van wijsheid die vooral extra broekschijterij brengen en scheppen dan maar extra veel spaghetti op hun borden. Uiteindelijk zijn we allemaal blij dat wij hen niet in het holst van de nacht moesten gaan zoeken met de dinghy en een dikke faar!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s