Het grote avontuur van twee kleine sloddervissen

Mountainbiken met de mans

Samen met de twee Noren Jens en Mortan en de Brit Keilan gooien we onze mountainbike op een pick-up en rijden tot El Junco, de oudste vulkaan van Galapagos. Aanvankelijk wilden we dit deel fietsen en vonden we Jens een woesie omdat hij per se met de auto wilde gaan. Maar het blijkt toch niet zo’n slecht idee. We rijden behoorlijk bergop. De taxichauffeur dropt ons en we beklimmen het laatste gedeelte tussen de inheemse planten Miconia tot aan de rand van het vulkanische meer.

Daniel, Kjel en ik ploeteren door het moerassige gras en klimmen langs een alternatieve kant tussen de braambessen terug naar boven. We glijden door de rode modder en langs het glibberige houten staketsel terug naar de weg. Daar springen we op onze fietsen voor de afdaling tot Playa Chino, een prachtig strandje in een baai omsloten door zwarte rotsen waar tientallen zeeschildpadden in de zalige surfgolven zwemmen. Wij vergezellen hen, laten ons meeslepen en vechten tegen de natuur. Ik maak een fantastische salto, steek mijn hoofd boven water en merk dat ik mijn duikmasker onderweg kwijt gespeeld ben.

Ik kruimel een koekje in mijn hand en laat de vogeltjes (de beroemde finches van Darwin) uit mijn handpalm eten. De dieren op Galapagos zijn inderdaad veel minder bevreesd voor mensen dan elders. De mythe klopt!

Tijdens de terugweg bezoeken we het breeding center van de legendarische Galapagos landschildpadden en spotten enkele reuzen in “de tuin”. De tour operators noemen dit een “semi-natural environment”, maar ik ben het daar toch niet echt mee eens. Hopelijk zien we ze in het wild op andere eilanden.

Ik waag mij aan een poging om samen met Kjel bergopwaarts te fietsen terwijl de jongens beneden staan toe te kijken (ze daagden mij uit om de volgende bocht te halen – een fameus eind serieus bergop). Gelukkig valt mijn ketting er halverwege af zodat ik een pauze kan nemen. Maar ik moet mijn grenzen respecteren. Niet echt een schande want alle andere jongens zitten al lang weer in een taxi tot de top. Daniel en ik kruipen in de laadbak van de pick-up. Kjel bijt op zijn tanden en fietst als enige de volledige weg terug. Niet alleen de lange en relaxerende afdaling zoals ons maar ook de fameuze beklimming.

’s Avonds eten Kjel en ik fantastische frieten met kip (terwijl de mannen van de hogere klasse niet weten wat ze missen en op restaurant zitten). We drinken een cocktail aan het strand waar de zeeleeuwen liggen te knuffelen en te wriemelen en naar elkaar brullen als kinderen in een slaapzaal: “Baxter? Is that you?!” “Yeah! Where are you?” Jens imiteert ze en geeft de van geen kwaad bewuste beestjes een stem. Wij gaan strike van het lachen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s