Het grote avontuur van twee kleine sloddervissen

Wild life vlak naast de deur

Isla Isabella is de hotspot om de beroemde pinguïns uit Galapagos te treffen. Zelfs vanuit de boot zien we ze soms voorbijzwemmen. Deze trotse beestjes legden een haast onvoorstelbaar en hoogst bewonderenswaardig parcours af. Dankzij de koude current die vanuit Antarctica helemaal via Zuid-Amerika tot aan de evenaar loopt bereiken ze de eilanden van Galapagos waar ze in alle rust kunnen aarden. Hun grootste vijand is een El Nino jaar wanneer de temperatuur gevaarlijk stijgt en een beangstigend deel van de populatie van de kaart geveegd wordt.

We klauteren over een strandje en wat lavarotsen, kijken uit over een aantrekkelijke lagune en staan dan te twijfelen en te verbranden in de blakende zon. Zouden we of zouden we niet in deze lagune snorkelen? Overal en altijd worden we weggejaagd door naturalist guides omdat we zonder hun begeleiding aan het exploreren zijn. Dus we moeten oppassen en niet te veel grenzen overtreden. Er staat er eentje met zonnebril en flapperende zonnepet onze richting uit te kijken terwijl de toeristen wat verderop hun snorkels arrangeren. Ik sluip op mijn blote voeten over het puntige vulkaangesteente naar hem toe en vraag hem vriendelijk toestemming om te snorkelen. Deze gast is eindelijk een redelijke geest. Hij glimlacht vriendelijk met zijn armen in zijn zij. Natuurlijk mogen we hier snorkelen. Hij geeft ons zelfs instructies, tips voor de beste plaatsen en advies om gevaren te vermijden. “Have fun! Enjoy life!” voegt hij er stralend en relaxed aan toe. Wij zijn hem super dankbaar en snellen naar de waterrand.

We banen ons een weg door de stroming. Golven die net boven mijn hoofd breken brengen veel lucht en nutriënten in het water maar veroorzaken ook veel turbulentie. Soms moet ik geduldig wachten tot de zichtbaarheid verbetert en ik weer kan zien waar ik zwem. Ik heb geen zin om met mijn hoofd tegen de rotsen te smashen. Bovendien is de bodem bezaaid met zee-egels. Kleine oranje harige slak-achtige zeevruchtjes verschuilen zich tussen de kleine groene bolvormige zee-egeltjes met een jasje als dat van kastanjes. Geen idee hoe het voelt om met je hand of voet op hun gespiesd te worden. Met hun grote zwarte broeders heb ik meer ervaring. Zij groeien hier in kolonies en richten hun giftige stekels dreigend in het rond. In de Caraïben belandde mijn voet dankzij een sterke stroming recht in hun splinters en sindsdien zijn ze vriendelijk bedankt voor de moeite.

Op de zwarte rotsen aan de overkant herken ik het profiel van de zonnende iguana’s in het tegenlicht. De enige iguanasoort ter wereld die het water ingaat op zoek naar voedsel. Ik speur over het wateroppervlak om mij heen en zie enkele bewegende kopjes in de verte. Eropaf! Als je geluk hebt zie je ze knabbelen aan de algen op de rotsen. Maar daarvoor is de zichtbaarheid onder water hier te slecht, de golven te sterk en de zee-egels te gevaarlijk. Ik zet mijn koers dus in de richting van degene die al onderweg zijn naar huis en ontdek een kleine canyon onderwater die ik als autostrade gebruik. Ik passeer er eentje en volg hem op de voet. Het is een kanjer. Hij houdt zijn kop met drakenkammen en dikke gezapige lippen boven water en zijn vier poten met vingers die van groot naar klein lopen netjes tegen zijn lijf gedrukt. Ik zie hoe hij enkel met behulp van zijn staart recht met zijn dikke hangbuik op een rots afstevent en vraag me af hoe hij daarop gaat reageren. Ik zwem vlak naast hem. Hij komt dichter en dichter tot hij gewoon boenk met zijn borstkas tegen de rots zwemt, er onhandig en traag overheen kruipt, zich terug in het water laat vallen en ongestoord verder zwemt. Ik richt mijn hoofd op en zie zijn kop trots verder drijven.

Voor de terugweg kies ik een andere route over koralen en sponsachtigen. Felblauwe zeesterren plakken hun slanke tentakels langs de rotsblokken en persen zichzelf tussen de spleten. Grote Parrot fish eten van de koralen en kakken het uit als zand. Ik volg ze geduldig in de hoop hun legendarische zandkaka te spotten maar helaas, ze worden blijkbaar een beetje zenuwachtig door mijn aanwezigheid en willen niet meer kakken. Ik snap dat wel dus druip af. Ondanks dit gemis aan spektakel kon ik ze wel erg dicht benaderen en hun pastelkleurige patroontjes bewonderen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s